Maandag zat ik in het Europees Parlement in Brussel voor TEDx Brussels, een onafhankelijk georganiseerde lokale variant van de ondertussen beroemde TED conferenties. Dat betekent in dit geval ook goedkoop: € 150 in plaats van een slordige € 4.000.
Voor wie TED niet kent: hun kernboodschap is Ideas worth spreading. Onder die noemer organiseert TED congressen waar radicale en vernieuwende denkers een presentatie komen geven. Op www.ted.com vind je daar een paar prachtige voorbeelden van.
Mijn verwachtingen waren dan ook hooggespannen voor deze mini-uitgave. De lijst van sprekers was ook niet min: onder andere Chris Anderson, Nicholas Negroponte, Conrad Wolfram, R.U. Sirius én Serguei Krasnikov. Over die laatste zometeen meer. De baseline van deze TEDx luidde ‘burn the box’, een stap verder dan ‘thinking outside of the box’. Bijzonder ambitieus.
Het mag dan ook eigenlijk niet verwonderde dat die verwachting niet helemaal ingelost werd. De muzikale inleiding door Thomas Dolby was blijkbaar geschrapt, en Chris Anderson bleek niet meer dan een generieke video-introductie. De presentatie van Michel Bauwens was niet wat ze had kunnen zijn, de man was zo ongeveer al zijn aardse bezittingen kwijtgeraakt tijdens zijn reis naar België en was dus begrijpelijk een beetje van zijn melk. Bauwens is een belangrijk Peer-2-peer onderzoeker en had heel wat interessants te vertellen over de verschuiving in onze economie van een werkgever-werknemer relatie naar een peer-2-peer relatie (na eerst het meester-slaaf en eigenaar-lijfeigene stadium doorlopen te hebben). Maar het moest te snel, te gehaast, te kort.
Er was ook het interview van Bruno Giussani met Karel De Gucht dat niet in het TED-format paste en dus ook weinig terzake deed. Legitimatie, vermoed ik?
Positieve uitschieters waren er gelukkig ook. Nicholas Negroponte vatte het One Laptop Per Child beter samen dan wie ook met de quotes:
Giving regular laptops to children in developing countries is like giving them SUVs to get to school
en
I once saw a school in Cambodja where ‘computer class’ for primary school children consisted of teaching them Word, PowerPoint and Excel. That’s criminal.
en nog
I watched children in Peru teach their parents and grandparents to read and write.
Amerikanen kunnen het toch altijd goed uitleggen.
Conrad Wolfram bleek ook zeer de moeite. Wolfram is één van de twee Wolfram-broers achter de wiskundige search engine Wolfram|Alpha waar je het antwoord kan zoeken op cijfervragen als ‘CO2 EU vs US‘. Zijn bedrijf is ook de maker van het computerprogramma Mathematica waarmee je alles wat in wiskundige uitdrukkingen te vatten valt, visueel en interactief kan maken. Zijn presentatie vertrok van de stelling:
Is it cheating to use Wolfram|Alpha for math homework?
Wolfram’s antwoord op die vraag was uiteraard ‘nee’. Als de luie scholier in kwestie wat moeite doet om de syntax van de zoekopdrachten te achterhalen kan dat namelijk perfect. Conrad Wolfram komt dan ook tot de conclusie dat het geen zin meer heeft om kinderen te leren rekenen in plaats van ze te leren redeneren en de juiste vragen te stellen op basis van complexe probleemstellingen. Dat is -en daar heeft hij volgens mij gelijk in- namelijk het moeilijkste: weten hoe je een vraag moet formuleren om een bruikbaar antwoord te krijgen. En net dàt wordt op school vaak voorgedaan door de toetsen en handboeken. Vraagstukken en probleemstellingen die je meestal enkel nog hoeft uit te rekenen.
David McCandless kende ik via zijn blog, maar is eigenlijk nog een vrij onbekende journalist/graficus. Hij houdt zich bezig met information graphics, een discipline die nogal in de lift zit. Het gaat er daarbij om ‘droge’ informatie, vaak cijfers, zo weer te geven in een grafiek of beeld dat de onderliggende betekenis van die cijfers meteen duidelijk wordt. Een van de beroemdste infographics ooit is die van de rampzalige veldtocht van Napoleon in Rusland. Een erg sterk voorbeeld van McCandless zelf is deze grafiek over de relatieve dodelijkheid van drugs. Het resultaat ziet er bedrieglijk simpel uit, maar de weken, maanden, jaren werk die erin kruipen zijn niet te onderschatten.
Later op de dag werd de boel een beetje gekker. Er was Marc Millis, die door NASA betaald wordt om onderzoek te doen naar ‘breakthrough propulsion physics’. Yup, Warp drives, maar dan voor echt. Hij legde in twintig minuten uit waarom dat in principe zou kunnen. Thijs wil op de maan wandelen, misschien wandelt hij ooit rond op Gliese 876 d.
Orgelpunt was onmiskenbaar Serguei Krasnikov, een Russische fysicus die zich bij StarLab bezighield met, get this, het onderzoeken van de mogelijkheid tot tijdrijzen. De slungelige fysiek, het zware Russische accent, de eenvoudige maar uiterst schattige slides, de harde fysica en tegelijk het esoterische onderwerp van zijn uiteenzetting zorgden voor een waarlijk betoverend effect. Ik weet niet precies waar hij het over had, na twee minuten kon ik niet echt meer volgen, maar het was geweldig. Een citaat, dat u eigenlijk gehoord had moeten hebben om de sfeer te vatten:
We cannot build a time machine. A time machine can be found. That would be very exciting. But not surprising.
Zeg dat tegen uzelf in een zwaar Chekov-accent zonder intonatie en dan begrijpt u een beetje waar ik het over heb.
En daarmee hadden we het beste eigenlijk gehad. Algemene conclusie: niet echt ‘burning the box’, maar meer dan z’n geld waard. Volgend jaar gaat ‘ie waarschijnlijk weer door, afhankelijk van de sprekers probeer ik er dan weer bij te zijn.
